De hervorming van de auteursrechten

door Joke op 12/01/2023

Na een dagenlang dispuut bereikte de federale regering een akkoord over de hervorming van de auteursrechten. Het dispuut ging over de vraag of in de nieuwe, strengere regels bepaalde beroepsgroepen geen beroep meer kunnen doen op auteursrechten. Daarbij ging het vooral over de IT-sector.

Het compromis houdt in dat er ‘geen restrictieve interpretatie’ komt van de nieuwe regeling, waardoor geen enkele sector van het gunstregime wordt uitgesloten. De vaagheid van het politieke compromis maakt dat de fiscus straks de details zal moeten invullen. Fiscaal experts zijn alvast kritisch.

'De nieuwe voorwaarde dat het werk publiek moet worden gemaakt, zal veel werknemers in de IT-sector uit de boot doen vallen. Werk dat past in een strikte werkgever-werknemerrelatie en daarbuiten het daglicht niet ziet, komt niet in aanmerking voor het hervormde gunstregime', zegt Jef Wellens, fiscalist bij Wolter Kluwer.

Waarom wordt de fiscale regeling van de auteursrechten hervormd?

De gunstige fiscale behandeling van auteursrechten werd in 2008 uitgewerkt en was oorspronkelijk bedoeld voor schrijvers en kunstenaars. Door de jaren omarmden ook andere beroepsgroepen de regeling, bijvoorbeeld softwareontwikkelaars, marketeers en architecten. Op initiatief van minister van Financiën Vincent Van Peteghem (CD&V) wordt het toepassingsgebied vanaf 1 januari 2023 drastisch ingeperkt.

Door de fiscale gunstregeling betaalt wie in 2022 niet meer dan 17.090 euro aan auteursrechten ontvangt daarop maar 7,5 procent belastingen. Voor wie tot 34.170 euro ontvangt, is dat maximaal 11,25 procent (op het gedeelte boven 17.090 euro).

Dat zit zo. Tot een bedrag van 64.070 euro (bedrag voor het inkomstenjaar 2022) worden vergoedingen via auteursrechten als een roerend inkomen beschouwd, waarop 15 procent roerende voorheffing (exclusief gemeentebelastingen) moet worden betaald. Bovendien mogen van de inkomsten de werkelijke of forfaitaire kosten afgetrokken worden. Tot 17.090 euro (bedrag voor inkomstenjaar 2022) mag een forfait van 50 procent worden afgetrokken. Van 17.090 tot 34.170 euro is dat 25 procent.

Het plafond wordt jaarlijks geïndexeerd en zal voor inkomstenjaar 2023 stijgen van 64.070 euro naar ongeveer 70.220 euro.

Wat houdt de beperking van het gebruik in?

Het fiscaal gunstregime zal er alleen nog zijn voor werk van kunst en letterkunde of prestaties van uitvoerende kunstenaars. ‘Letterkunde gaat niet alleen over literatuur, maar ook over educatieve, wetenschappelijk of vulgariserende werken. Het kan ook gaan over geschriften voor lessen of voordrachten’, zegt Wellens.

Door de hervorming komt er een voorwaarde bij. De betrokkene moet een kunstwerkattest bezitten. Dat attest moet nog uitgewerkt worden en zal het bestaande kunstenaarsstatuut vervangen. Het nieuwe kunstwerkattest zal elke kunstwerker een volledige sociale bescherming geven voor vijf jaar. 

Zonder dat attest moet voldaan worden aan de voorwaarde dat de rechten op het werk worden overdragen of in licentie gegeven aan een derde voor publicatie, een openbare uit- of opvoering of voor reproductie. Het werk moet ‘aan het publiek worden medegedeeld’: het moet toegankelijk zijn voor een onbepaald aantal potentiële kijkers of lezers. ‘Dat kan in verschillende vormen gebeuren, zoals schriftelijk, grafisch, fotografisch en dat via verschillende dragers en kanalen. Het kan dus gaan om een artikel, radio, televisie, theater, internet en zelfs in de metaverse’, zegt Wellens. Ook de inkomsten verkregen via beheersorganisaties zoals Sabam, PlayRight en Reprobel blijven van de fiscale regeling genieten.

‘De voorwaarde dat er een mededeling aan het publiek moet zijn, houdt in dat een auteursrechtelijk beschermd werk dat buiten de strikte werkgever-werknemerrelatie het daglicht niet ziet, wordt uitgesloten van de gunstregeling, net als bijvoorbeeld de conclusies van advocaten of de plannen van een architect als die niet worden gepubliceerd’, zegt Wellens.

Tot welk bedrag genieten auteursrechten van het gunstregime?

In de huidige regeling kan tot 64.070 euro - vanaf volgend jaar ongeveer 70.220 euro - aan inkomsten uit auteursrechten van het gunstregime genieten. Die begrenzing blijft, maar daar bovenop komt een dubbel plafond:

  • Tot 30 procent

De verhouding tussen de vergoeding voor auteursrechten en de totale vergoeding (die ook een vergoeding voor de geleverde prestatie bevat), mag niet meer dan 30 procent bedragen. ‘Die ingreep is drastisch. Heel wat vergoedingen die vandaag volledig als auteursrechten worden toegekend, vallen morgen nog maar ten belope van 30 procent onder de gunstregeling. De grens is wel niet absoluut’, zegt Wellens. ‘Wordt geen prestatie geleverd - wat dat ook moge betekenen -  maar gebeurt alleen een overdracht van de vermogensrechten op een bestaand werk of gaat het over een loutere reproductie, dan blijft het nog altijd mogelijk om de volledige vergoeding als auteursrechten en dus als roerend inkomen te ontvangen.’

De beperking tot 30 procent geldt pas vanaf het aanslagjaar 2026 (inkomstenjaar 2025). Voor het aanslagjaar 2024 (inkomsten 2023) geldt een 50/50-split, het jaar erna een verhouding 40/60.

  • Gemiddelde over vier jaar

Het jaarplafond van wordt voortaan afgetoetst aan het gemiddelde inkomen uit auteursrechten van de vorige vier jaar. Dat gemiddelde inkomen mag niet hoger zijn dan het plafond. ‘Bij een overschrijding met maar één cent zijn alle vergoedingen in auteursrechten van het huidige jaar uitgesloten van het gunstregime, dus niet alleen het deel van de overschrijding’, zegt Wellens. ‘De inkomsten uit auteursrechten zijn in dat geval niet meer wisselvallig en onregelmatig, is de redenering.’

‘Als een van de grenzen wordt overschreden, is het aan de fiscus om aan te tonen dat het om een beroepsactiviteit en dus om een beroepsinkomen gaat voor het tegen de gebruikelijke, progressieve belastingtarieven kan worden belast’, zegt Wellens. ‘Lukt dat niet, dan blijft het inkomen toch als roerend inkomen belast.’ Aan de forfaitaire kostenaftrek verandert niets.

Komt er een overgangsregeling voor wie uit de boot valt?

Ja. Voor wie door de hervorming niet meer in aanmerking komt voor het gunstregime, is er voor de inkomsten van 2023 (aanslagjaar 2024) een overgangsregeling. Die belastingplichtigen kunnen nog één jaar van de auteursrechtenregeling genieten, maar in een beperkte vorm. Het jaarplafond en de schijven voor de berekening van het kostenforfait worden gehalveerd.

Een voorbeeld: 

Joris is aan de slag als werknemer. Daarnaast behaalt hij uit een nevenactiviteit een beperkte vergoeding van 6.550 euro aan auteursrechten. ‘Door de hervorming stijgt de belastingdruk op de inkomsten uit auteursrechten van 7,5 naar 27,1 procent’, zegt Jef Wellens, fiscalist bij Wolters Kluwer. De berekening ziet er zo uit:

  • De huidige regeling voor het aanslagjaar 2023

6.550 euro auteursrechten x 50 % (aftrek kostenforfait) x 15 % (personenbelasting)  = 491,25 euro belasting of 7,50% belastingdruk.

  • Na de hervorming vanaf het aanslagjaar 2026

Beperking van het aandeel auteursrechten in de totale vergoeding tot 30 procent: 6.550 euro x 30% = 1.965 euro.

Belasting op het deel auteursrechten: 1.965 euro x 50% (aftrek kostenforfait) x 15 % (personenbelasting) = 147,38 euro belasting.

Belasting op overige 4.585 euro (6.550 – 1.965): 4.585 x 71,30% (aftrek kostenforfait baten) x 50% (hoogste belastingtarief beroepsinkomen) = 1.634,55 euro belasting.

Dat brengt de totale belasting op 147,38 euro + 1.634,55 euro = 1.781,93 euro of 27,21 procent belastingdruk.

Bron: De Tijd